Delen is helen

Op aanraden van een collega, besloot ik de anderhalve kilometer naar mijn werk eens te lopen in plaats van te fietsen. Volgens haar genoot je al lopend meer van de stad en had je tegelijkertijd lekkere beweging. Fietsen in Amsterdam vind ik sowieso soms op een actiefilm lijken, dus haar idee sprak me aan.

Covid op de IC 

Relaxed lopend door de opkomende lentezon kwam ik na twintig minuten aan op mijn werk, en ging, na mijn bakkie automaatkoffie, de afdeling op. Samen met een student was ik ingedeeld op de COVID kamer. Twee maanden geleden was de COVID unit al gesloten en sindsdien zien we steeds minder COVID patiënten op de intensive care. Er zijn zelfs dagen zonder. 

Ik had inmiddels al weken niet meer voor een COVID patiënt gezorgd en nu lagen er twee op één kamer. In een kwestie van een paar seconden trek ik de beschermingsmaterialen aan want dit riedeltje ken ik uit mijn hoofd. Daarna stap ik de kamer binnen en zie twee patiënten op hun buik liggen, allebei diep in slaap en aan de beademing. De getallen op de beademingsmachine zijn torenhoog, iets wat we vóór het bestaan van COVID nauwelijks zagen. Ik hoor de overdracht aan. Het is duidelijk dat beide patiënten ernstig ziek zijn en dat we niet weten of ze het wel gaan halen. 

Herinnering

De nachtdienst vertrekt en ik begin mijn routine rondom het bed; de patiënt begroeten en bekijken hoe alles in bed ligt, de intraveneuze medicatie controleren, grenswaardes van de machines instellen… Ik merk dat ik onder de indruk ben, dat mijn ademhaling hoger zit. Ik ben onder de indruk van hoe ziek deze patiënten zijn, maar ook van het het gevoel dat we niet weten of ze het halen. Dat de minste verslechtering of een beademingsprobleem al fataal zou kunnen zijn. Ik voel de verantwoordelijkheid van gefocussed en hard moeten werken. En langzaam maar zeker komt er ineens de herinnering, de herinnering aan kamers  vol, ja zelfs een zaal vol met dit soort mensen. Dat ik niet 1 op 1 kon zorgen voor iemand, maar in de piek 1 op 4 moest verplegen. Elke patiënt op de buik, elke patiënt ernstig ziek. Ik krijg kippenvel bij deze herinneringen. Hoe heb ik, hebben wij, dit kunnen doen? Hoe hebben we dit volgehouden? Toentertijd  was ik me niet eens elke dag bewust van al deze indrukken. 

Coping

Covid overkwam ons, letterlijk en figuurlijk. We waren enigszins voorbereid door andere landen, maar eigenlijk ook weer helemaal niet. Want hoe ga je om met 1:4 verpleging, hoe met familie die moet beeldbellen met haar/zijn geliefde terwijl jij de ipad vasthoudt, hoe met het zien van collega’s waarmee het niet goed gaat terwijl je eigenlijk genoeg hebt aan jezelf? Ik denk dat iedereen het op zijn/haar manier heeft gedaan, met vallen en opstaan. Er waren zeker overeenkomsten in de coping van collega’s. Na een dienst met elkaar napraten was sowieso het beste medicijnen! Samen had je maar een half woord nodig. Bovendien hoefde je het vaak niet over het werk te hebben, maar met je team even stoom afblazen onder het genot van een drankje was ook van vitaal belang! 

Voor mij was het essentieel om na een dienst zo veel mogelijk van me af te praten. Ik pleegde altijd een “covid-belletje” met mijn familie en ook mijn beste vriendin heeft heel wat verhalen aan moeten horen. Een enkele keer heb ik daarbij gehuild. Nadat ik het van me af had gepraat, was het voor mij belangrijk om luchtige afleiding te zoeken: buiten zijn, een rustige yogales, met vrienden zijn en veel lachen en luchtige series kijken.

Doorgaan of stilstaan?

Inmiddels lijkt COVID alweer ver weg. In de wereld is er een volgende crisis, waardoor we in de samenleving weer bezig zijn met andere lastige situaties.

In het ziekenhuis proberen we de inhaalzorg te starten en gaan we, zoals altijd, gewoon door. Maar in die laatste zin schuilt wel een uitdaging. Als ik collega’s spreek over hun herinnering aan de eerste COVID golf, dan zijn zij nog steeds onder de indruk. Voor sommigen is het een surrealistische herinnering die ze hun hele leven meedragen. Absoluut ook vaak op een positieve manier; hoe we het als team hebben gedaan, hoe we het onmogelijke, mogelijk hebben gemaakt en hoeveel we hebben geleerd van deze crisissituatie. 

Als ik die verhalen hoor, en als ik zelf opnieuw onder de indruk ben van “maar” twee COVID patiënten, dan bekruipt mij het gevoel dat het goed is deze indrukwekkende herinneringen af en toe samen op te halen, er naar terug te gaan. Niet weer op die snelle fiets te stappen, maar even te wandelen, te vertragen en te herinneren. De verhalen te delen, de overledenen die je het meest hebben geraakt te gedenken, de geleerde lessen te benoemen en mee te nemen. Het is zo makkelijk om weer door te gaan. Maar als er  zoiets heftigs én bijzonders gebeurd is, moeten we dan niet juist even stilstaan? 


Hoe was jouw coping?

Herken jij elementen in mijn verhaal, of misschien wel helemaal niet?

Hoe kwam jij die heftige periode door als verpleegkundige? Op welke afdeling werkte jij op dat moment? En ik ben HET MEEST BENIEUWD naar jouw coping. Was het ook een drankje doen met collega’s in de koffiekamer? Of was het voor jou iets totaal anders?

Neem contact met mij op of laat het ook andere collega’s weten via de online community!

Foto van mij gemaakt in in de nachtdienst bij een patiënt met corona in buikligging

Vorige
Vorige

Intensief genieten